|
Voorbeschouwing: Ganshoren - Berchem
Geelzwart trekt zondag naar FC Ganshoren, de ploeg waar de streak van veertien ongeslagen wedstrijden begon. In de heenronde verloor Berchem op het veld van Ternat, maar won de week nadien met 2-1 van Ganshoren. We zouden tot vorige week, opnieuw tegen Ternat, niet meer verliezen.
Ganshoren staat met een zesde stek mooi in de subtop genesteld. Als promovendus, dit is hun eerste seizoen in bevordering, doen ze het uitstekend en met overwinningen tegen Lyra, Ternat en Charleroi gaven ze hun seizoen alvast kleur. Opmerkelijk, Ganshoren kon al vijf wedstrijden niet meer winnen. Vorig weekend speelden ze 0-0 gelijk tegen de dertiende in de stand, Sint-Gillis-Waas.
Afgelopen zondag moest Berchem zijn tweede nederlaag van het seizoen ondergaan. Geelzwart ziet zijn voorsprong van een riante tien punten slinken tot een mooie vijf punten. Nog geen vuiltje aan de lucht, al kunnen er best punten worden meegenomen uit Ganshoren.
Brahim Boujouh keerde dit seizoen terug naar waar het voor hem allemaal begon. Hij verliet zeven jaar geleden onze club en speelde bij verschillende clubs in tweede en derde klasse. We zaten met deze jongen van onder de kerktoren rond de tafel voor een interview.
Berchem verloor vorig weekend met 1-2 van Ternat. Zat er meer in?
Brahim Boujouh: “We hebben onverdiend verloren, we moesten zeker niet onderdoen voor Ternat. Tot twintig minuten voor tijd stonden we nog 1-0 voor en dan krijgen we toch nog het deksel op de neus. Je kan dit verlies niet vastpinnen op enkele individuen, als we winnen is dat me de ganse groep, dus ook als we verliezen. Onze mentaliteit is een sterk punt, en daar moeten we ons nu opnieuw aan optrekken.”
Waar is het misgelopen?
Boujouh: “We kregen de eerste helft de kansen om reeds op voorsprong te komen, maar verzuimden deze af te werken. Wat voor de winterstop met gemak lukte, lukte zondag net niet. Maar, in de heenronde verloren we ook van Ternat, en zetten we nadien een reeks neer van veertien wedstrijden ongeslagen. Het is nu aan ons om opnieuw zo’n prestatie neer te zetten.”
Zondag trekken we naar Ganshoren. Is er opnieuw sprake van enige druk?
Boujouh: “Neen, er is niet meer druk dan anders. Tien punten voorsprong is fantastisch, maar vijf punten is nog steeds heel veel. We hebben een sterke spelersgroep en op Ganshoren moeten we voluit voor de drie punten gaan. We wisten dat januari een moeilijke maand zou zijn, en dat blijkt nu ook. Nu zondag is de laatste wedstrijd van de maand, en moeten we ook de eerste overwinning van het nieuwe jaar vieren.”
Wat verwacht je van Ganshoren?
Boujouh: “Ik ben niet iemand die graag naar de tegenstander kijkt. Ik weet zelfs liever niet op voorhand wie ze zullen opstellen. We moeten uitgaan van onze eigen kracht en ons niet te veel focussen op de tegenstander. Andere ploegen moeten over ons praten, wij niet over hen. Onze technische staf houdt zich daar uiteraard wel mee bezig, en zo hoort het ook. Maar ik als speler kijk alleen naar m’n eigen team, en ga alleen uit van onze eigen kracht.”
De club deed twee aankopen in het tussenseizoen. Ben je tevreden met de versterkingen?
Boujouh: “Het zijn twee jonge, creatieve spelers die op verschillende posities uit de voeten kunnen. Deze aankopen geven blijk van ambitie en zijn gedaan met het oog op de toekomst. Het bestuur en de technische staf weten wat er past in onze spelersgroep en hebben zich duidelijk aan de visie van de club gehouden.”
We zijn meer dan halfweg in het seizoen. Hoe kijk je terug op de voorbije maanden, ben je tevreden over je eigen spel?
Boujouh: “Ik denk dat ik best tevreden mag zijn over het voetbal dat ik bracht, en breng. Ik ben misschien geen goalgetter, maar geef vaak de beslissende pass of maak de actie. Ik heb m’n steentje bijgedragen. Zeven jaar geleden, toen ze degradeerden, ben ik hier vertrokken. Nu hoop ik dat we, tijdens mijn eerste jaar terug op de club, opnieuw zullen stijgen. Dat zou prachtig zijn. Berchem is de club van m’n hart, ik heb hier alle jeugdreeksen doorlopen en ben geboren en getogen Berchemnaar. Mijn neefje speelt hier nu ook in de jeugd. Kortom, de ganse familie is hier thuis.”
Men zegt vaak dat je veel volwassener bent geworden tegenover je vorige carrière op het Rooi. Klopt dit, denk je?
Boujouh: “Zeker en vast. Ik ben ondertussen nog maar vijfentwintig jaar, maar vergeet niet dat ik zestien was toen ik in de eerste ploeg kwam. Ik was nog een puber, nu ben ik getrouwd en heb ik een kindje. Eveneens heb ik de afgelopen jaren bij verschillende ploegen in twee en derde klasse gespeeld. Ik heb daar veel geleerd, en vaak eens gezwegen en goed geluisterd. Daardoor kan ik nu mee een ploeg op sleeptouw nemen, en mijn ervaring doorgeven. Ik ben zeker en vast volwassener geworden.”
Je bent na Berchem naar Germinal Beerschot getrokken. Hoe is het je daar vergaan?
Boujouh: “Marc Brys heeft me toen meegenomen, maar jammer genoeg kreeg ik tijdens de voorbereiding een zware blessure. In de eerste ploeg heb ik dus nooit gespeeld, maar de ervaring nemen ze me niet meer af. Later speelde ik nog bij Brussels en Verbroedering Geel in tweede klasse.”
Wat verwacht je van de terugronde?
Boujouh: “Het is nog te vroeg om daar al grote uitspraken over te doen. Uiteraard hoop ik, net als iedereen, dat we onze positie kunnen vasthouden en kampioen spelen. Dat zou de ganse club ten goede komen, ook onze jeugdspelertjes hebben er baat bij. Onze trouwe supporters, die ook in slechte tijden ons massaal steunden, verdienen dit enorm hard. Onze aanhang die elke uitwedstrijd, waar dan ook, aanwezig is om ons aan te moedigen, zij hebben recht op succes. Heel dit seizoen heb ik nog geen enkele keer iets negatiefs uit de tribune gehoord. Na de wedstrijd tegen Ternat stonden ze nog altijd te zingen voor ons, voor hen doen we het.”
Er heerst duidelijk een heel positieve sfeer op de club, zowel op als naast het veld.
Boujouh: “ Inderdaad, en dat doet deugd. Als je dit vergelijkt met zeven jaar geleden, is het nu veel beter. Er is veel veranderd op de club, qua structuur en bestuur. Vroeger had je één iemand die alle macht had. Nu gebeurt alles in samenspraak, en dat is veel beter. Elke donderdagavond is er wel iemand van de spelersgroep die een etentje organiseert voor de ploegmakkers, wat er voor zorgt dat we toch een uurtje, als kameraden, samenzitten. Berchem is opnieuw een familieclub, en dat is mooi.”
Je hebt je de overstap naar geelzwart dus nog niet beklaagd.
Boujouh: “Zeker niet, ik ben hier erg graag. Ik had verschillende aanbiedingen, maar koos voor Berchem, de club van m’n hart. Ik hoop met Berchem naar derde te kunnen, want hier ben ik thuis.”
Ook Bart Selleslags zat klaar voor het wekelijks gesprek.
Verlies tegen Ternat. Had een gelijkspel rechtvaardiger geweest?
Bart Selleslags: “Het was een wedstrijd waar beide ploegen kansen creëerden. De eerste helft hadden we een overwicht, maar vergaten we af te werken. De tweede helft had Youri De Wilde ook zijn deel van het werk, maar komen we toch op voorsprong. We kregen de mogelijkheden op de 2-0, maar moesten in plaats daarvan de gelijkmaker slikken. Net wanneer we de kans op een nieuwe voorsprong missen, scoren zij uit die counter. Het lag allemaal dicht bij elkaar en kon alle kanten op. Jammer genoeg zijn wij het eens die het onderspit moesten delven.”
Ternat kon als enige ploeg van ons winnen. Is dat toeval, of liggen ze ons gewoonweg niet?
Selleslags: “Ternat is een ploeg die voor het seizoen getipt werd als een van de grote titelkandidaten. Ze hebben veel ervaren spelers, uit derde klasse en hoger. Zowel tijdens de heen- en terugwedstrijd is gebleken over welke kwaliteiten ze beschikken. Wij verzuimden in beide wedstrijden onze kansen af te maken, maar dat maakt van Ternat nog niet ons zwarte beest.”
Zondag wacht Ganshoren. Belangrijke wedstrijd?
Selleslags: “Zondag was de ontgoocheling na het verlies groot, maar we hebben deze week op training weer goed gewerkt. De ganse spelersgroep staat opnieuw scherp. We weten dat Ganshoren beschikt over voetballend vermogen en het als nieuwkomer meer dan degelijk doet. We hebben lessen geleerd uit de vorige twee wedstrijden, en zullen zondag opnieuw een scherp en snedig blok moeten vormen. We moeten verder gaan zoals we bezig zijn. Want, ook al halen we maar 1 op 6 in de vorige twee matchen, ons spel was nooit van slechte makelij. De spelersgroep is opnieuw hypergemotiveerd en trekt met veel strijdvaardigheid naar Ganshoren.”
Hoe verloopt de revalidatie van Nico Lansu?
Selleslags: “Momenteel is dat een combinatie tussen het werk van onze kinesist en een individuele looptraining. Het is een blessure die we stap voor stap moeten bekijken. We volgen alles nauwlettend op, hij is in goede handen.”

| Berchem Sport op bezoek bij Crossing Molenbeek op 8 oktober 1966. Rik Coppens lijkt de geelzwarte verdediging op een hoopje te zullen schieten. Let op de merkwaardige broekjes van Crossing die zo uit de kleedkamer van de Harlem Globetrotters lijken te zijn ontsnapt. |
Clubhistoricus Karl Böhrer dook nog eens in zijn archieven naar aanleiding van onze komende wedstrijd en ontdekte dat het ene FC Ganshoren het andere niet is.
Onze volgende verplaatsing leidt ons dus naar Ganshoren, een inmiddels grotendeels verfranste gemeente ten noordwesten van Brussel. Een gemeente die met FC Ganshoren eens de bakermat was van een eersteklasse voetbalclub met vedetten als Rik Coppens, Jos Smolders en Georges Leekens. Datzelfde FC Ganshoren is zondag onze gastheer. Of toch niet?
De hoofdstad was er vroeg bij waar het op voetballen aankwam en dan was het logisch dat ook in de naburige gemeenten het nieuwe spelletje snel ingang vond. Al voor de Eerste Wereldoorlog werd er in Ganshoren gevoetbald. In mei 1913 resulteerde dat in de oprichting van de Crossing Club Ganshoren. Lang hield die club het echter niet vol. Amper twee jaar later moest ze haar activiteiten reeds staken omdat haar speelveld vanwege de oorlogsomstandigheden verkaveld werd om er aardappelen te cultiveren. Een lot waaraan ook Berchem Sport in die jaren slechts ternauwernood ontsnapte. In 1921 werd de club heropgericht, dit maal onder de naam Football Club Ganshoren. De blauw-witte kleuren van Crossing bleven behouden en drie jaar later werd ook het goed in het oor liggende “Crossing” opnieuw aan de officele benaming toegevoegd, die in 1938, bij de koninklijk verklaring, verfranst werd tot Royal Crossing Football Club de Ganshoren. Hoe dit ter plaatse wordt uitgesproken kan u zondag met eigen oren vaststellen. Mais bon bref. In 1942 vinden we de club met stamnummer 451 voor het eerst terug in de nationale reeksen. Bevordering/Promotion, de toenmalige derde afdeling, was zelfs maar één reeks lager dan Berchem Sport.
In 1959 verliet Crossing, inmiddels naar vierde klasse gezakt, haar thuisbasis in Ganshoren en verhuisde het naar Sint-Jans Molenbeek. De tot Royal Crossing Club Molenbeek omgedoopte club werd meteen kampioen en promoveerde drie jaar later zelfs naar tweede klasse. En het success blééf duren. Daar zat de aanwezigheid van Rik Coppens ongetwijfeld voor iets tussen. In 1969 werd de club runner up in tweede klasse, met evenveel punten als kampioen AS Oostende. Datzelfde jaar fusioneerde de club met de Royal Cercle Sportif de Schaerbeek. Schaarbeek, dat op verschillende seizoenen in tweede klasse kon bogen, had na de Tweede Wereldoorlog nooit meer hoger gespeeld dan derde. In 1966 degradeerde de club naar vierde om in 1968 zelfs helemaal uit de nationale reeksen te verdwijnen.
De fusieclub ging als Royal Crossing Club de Schaerbeek in eerste nationale van start en nam de plaats in van de buren van Daring, als vierde Brusselse club, naast Anderlecht, Racing White en Union St.-Gillis. Ze nam zowel de kleuren (rood-groen-wit), het stamnummer (55) als de thuisbasis van Schaarbeek over. Het Josaphatpark, dat ooit 17.000 toeschouwers mocht ontvangen voor het stadsderby tegen Anderlecht, was vier jaar lang het toneel van eersteklassevoetbal. Maar ondanks kleppers als de Tsjechische international Josef Masopust, gewezen Beerschotdoelman Jos Smolders en grote namen in wording als Georges Leekens en Guido Mallants zat er nooit meer in dan een twaalfde plaats. In 1973 zakte de club, samen met stadsgenoot Union Sint-Gillis, definitief weg uit de voetbalelite. Het werd een vrije val. Na twee seizoenen in tweede volgde in 1975 de degradatie naar derde en in 1980 zelfs naar vierde klasse. In 1983 werd Crossing roemloos laatste in zijn reeks met slechts vier punten uit 30 wedstrijden en zakte het weg naar provinciale.
Datzelfde jaar verhuisde de club naar Elewijt, een deelgemeente van Zemst. Crossing lag dan al bijna tien jaar in conflict met het gemeentebestuur van Schaarbeek en was niet langer welkom in het Josaphatpark. De naam wijzigde naar Royal Crossing Club Elewijt, de kleuren naar groen-wit. Crossing Elewijt speelde lange tijd in de hoogste provinciale reeksen, maar kon nooit meer tot het nationale voetbal doorstoten. In 1988 won het wel de Beker van Brabant. Drie jaar later fusioneerde de club met een andere Elewijtse ploeg, VV Elewijt, met wie het van bij de oprichting het terrein deelde tot Koninklijke Crossing Voetbal Vereniging Elewijt. Stamnummer 55 zakte vorig seizoen weg uit derde provinciale.
En voor wie intussen helemaal de draad kwijt is: vergeet al het voorgaande ! Het FC Ganshoren dat we zondag partij geven heeft namelijk niets van doen met het FC Ganshoren dat het ooit tot de hoogste afdeling schopte.
Na het vertrek van Crossing in 1959 zat Ganshoren jarenlang zonder voetbalclub. Tot een nieuw FC Ganshoren werd opgericht dat zich in 1971 met stamnummer 7569 aansloot bij de KBVB. De kleuren, groen-zwart, waren de voorwaarde van haar eerste trainer, een hevige Cercle-supporter, om aan zijn taak te beginnen. De club ging van start op het laagste niveau in de Brabantse provinciale reeksen. In 2008 werd Ganshoren kampioen in tweede provinciale. In 2011 won het de finale van de eindronde van eerste provinciale tegen RUS Albert Schaerbeek. Het seizoen 2011-12 is dus Ganshorens eerste in de nationale reeksen.
Kort nieuws
* Bakkovens komt terug uit schorsing.
* Er zijn nog enkele plaatsjes vrij op de tweede supportersbus van Yells Army. Snel zijn is de boodschap! Inschrijven via raoul@yellsarmy2005.be. Wie mee was met de bus naar Charleroi rijdt deze week trouwens gratis mee. Anderen betalen 8 euro (leden) of 12 euro (niet-leden).
* Supportersclub yellsarmy en mtc yellsarmy organiseren op zaterdag 18 februari een winter bbq in hun lokaal Paroza, van 16u tot 21u. U krijgt 4 stukken vlees en dit voorzien van de nodige groentjes en sausjes. Kostprijs is 18 euro. Inschrijvingen doe je via voorzitter@yellsarmy2005.be.
Om 14u30 in Ganshoren zien we elkaar.
Leve Berchem Sport!
|